Werkprincipes bij het werken op hoogte met PBM’s

Werkprincipes bij het werken op hoogte met PBM’s

Auteur: Rodney Sebregts

Werken op hoogte is een verzamelbegrip voor alle (tijdelijke) werkzaamheden die op hoogte plaatsvinden. Daar waar er sprake is van valgevaar moet dit zoveel mogelijk voorkomen worden door het toepassen van de arbeidshygiënische strategie. In een aantal gevallen resulteert dit erin dat persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) gebruikt worden om veilig op hoogte te werken en bescherming te bieden tegen vallen. Zodra er gebruikt gemaakt wordt van PBM’s voor valbescherming is het belangrijk om goed na te denken over de gewenste werkwijze, aangezien het werkprincipe bepalend is voor de eisen die je aan de PBM’s moet stellen. Verkeerd gebruik van PBM’s leidt tot gevaarlijke situaties. Dit artikel is erop gericht om inzicht te geven in de verschillende werkprincipes die gehanteerd kunnen worden bij het gebruik van PBM’s voor het bieden van valbescherming. Hierdoor is de gebruiker/inkoper in staat om de juiste PBM’s aan te schaffen, rekening houdend met het beoogd gebruik.

Veiligheidsmaatregelen bij het werken op hoogte wordt ook wel valbeveiliging of valbescherming genoemd. Materialen die gebruikt worden om valbescherming te bieden worden ook wel valbeschermingsmiddelen genoemd. Hierin kan een onderscheid gemaakt worden tussen collectieve middelen en persoonlijke beschermingsmiddelen. Het verschil is dat collectieve middelen ervoor zorgen dat iedereen een gevarenzone “veilig” kan betreden. Bij het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen is de veiligheid afhankelijk van de PBM’s die het individu draagt en het juist gebruik daarvan. Het gebruik van collectieve middelen heeft volgens de Arbowetgeving altijd de voorkeur boven het gebruik van PBM’s. Bij beide vormen van valbescherming geldt dat er verschillende niveaus van bescherming toegepast kunnen worden. Namelijk enerzijds middelen die een val voorkomen en anderzijds middelen die een val vroegtijdig stoppen. Bij collectieve middelen hebben we het bijvoorbeeld over tijdelijke hekwerken op een plat dak om een val te voorkomen en het plaatsen van vangnetten onder een staalconstructie om een val vroegtijdig te stoppen.

Bij het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen op een plat dak hebben we het over een lijn die verbonden is met een harnas en een ankervoorziening en zo kort is dat het fysiek onmogelijk is om van een dak te vallen versus het gebruik van een automatisch oprollend valstopblok die een val opvangt nadat je gevallen bent. Bij het gebruik van PBM’s voor veilig werken op hoogte worden de volgende werkprincipes onderscheiden:

Werkprincipes bij het gebruik van PBM’s voor het werken op hoogte

  • Principe van werkruimtebeperking/gebiedsbegrenzing
    Dit principe gaat ervan uit dat de gebruiker een harnas draagt en met een ankervoorziening verbonden is, waarbij de verbinding zodanig kort is dat de gebruiker fysiek nooit kan vallen. Het is dus onmogelijk om in de val zone te komen.Het voordeel van het toepassen van dit werkprincipe is dat de gebruiker zeer veilig kan werken op hoogte, aangezien er geen risico is op vallen bij juist gebruik van de PBM’s. Het nadeel is dat de gebruiker beperkt wordt in de bewegingsvrijheid waardoor de verbindingsmiddelen vaak langer afgesteld worden dan toegestaan met dit type middelen. Hierdoor is er alsnog kans op het maken van een val, maar dan in PBM’s die niet geschikt zijn om deze val op te vangen. Bij het gebruik van niet door de gebruiker verstelbare middelen, waardoor gebruikersfouten uitgesloten zijn, is een reddingsplan niet noodzakelijk. In alle andere gevallen wel.
  • Principe van het gebruik van valstopmiddelen
    Dit principe gaat ervan uit dat de gebruiker een harnas draagt en met een ankervoorziening verbonden is, maar waarbij er nog steeds een val kan optreden. De gebruikte valstopmiddelen moeten de val vroegtijdig stoppen en de krachten op het lichaam reduceren tot onder de 6kN. De valstopmiddelen mogen niet gebruikt worden om in te hangen of om te gebruiken als extra steun. De valstopmiddelen moeten onbelast blijven en uitsluitend de handen en de voeten zorgen voor verplaatsing van de persoon.Het voordeel van het toepassen van dit werkprincipe is dat de gebruiker een grotere bewegingsvrijheid ervaart en dat deze zich gemakkelijker door constructies en/of op structuren kan verplaatsen. Het nadeel is dat er nog steeds gevallen kan worden, wat kan resulteren in letsel. Dit stelt hoge(re) eisen aan de gebruiker met betrekking tot de selectie en het juiste gebruik van de juiste middelen. In alle gevallen moet er dus een reddingsplan aanwezig zijn en uitgevoerd kunnen worden.
  • Principe van werkpositionering in combinatie met valbeveiliging
    Dit principe gaat ervan uit dat de gebruiker een harnas draagt en met een ankervoorziening verbonden is, waarbij deze zich verplaatst in een structuur of op een constructie met behulp van handen en voeten en er altijd een valstopvoorziening gebruikt wordt. Zodra de gebruiker steun wenst en in het harnas wil hangen, wordt gebruik gemaakt van extra positioneringsmiddelen en een heupband. De positioneringsmiddelen tellen niet als veiligheidsmiddelen en zijn dus altijd in combinatie met het gebruik van valstopmiddelen.Het voordeel van het toepassen van dit werkprincipe is dat de gebruiker éénmaal aangekomen op een positie om werkzaamheden uit te voeren zichzelf kan positioneren met behulp van de extra positioneringslijn en riem. Hierdoor is de gebruiker na het positioneren in staat om twee handen los te laten van de constructie, zodat de handen vrij zijn om werkzaamheden uit te voeren. Dit is vaak noodzakelijk bij hangende werkzaamheden op hoogte of het redden van een collega op hoogte. Het nadeel is dat dit werkprincipe meer materiaal en deskundigheid vereist.
  • Principe van het gebruik van toegangs- en positioneringstechnieken met lijnen
    Dit principe gaat ervan uit dat de gebruiker een harnas draagt en een dubbellijnsysteem gebruikt om de werkplek te bereiken door middel van het klimmen en afdalen in lijnen. Dit werkprincipe wordt ook wel rope access genoemd. Eén lijn wordt gebruikt voor het klimmen en afdalen en om op de werkplek te positioneren en één lijn dient als back-up lijn en is voorzien van een automatisch meelopend valstopapparaat.Het voordeel van dit werkprincipe is dat de gebruiker op werkplekken kan komen waar dit met andere arbeidsmiddelen veelal niet mogelijk of wenselijk is en dat veel problemen snel en relatief goedkoop kunnen worden opgelost. Het nadeel is dat dit hoge(re) eisen stelt aan de gebruiker op het gebied van zowel opleiding, training, fysieke conditie als redding capaciteit.